Vlinder

ik zag een vlinder.
ik noemde haar sinder.
zo mooi was zij.
ik werd meteen blij.
ik keek haar aan.
terwijl ze vloog langs de maan.
dit was de beste nacht.
wat een vlinderpracht.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *