Geen liefde

Liefde hangt in de lucht
Waar ik mijn hele leven voor vlucht
Wat moet ik toch doen?
Straks geef je me nog een zoen
Dat vind ik niet zo fijn
Mijn hartje doet zo’n pijn
Je hebt een beetje pech
Ik wil zo graag weg
Dat wil jij natuurlijk niet
Maar je weet niet wat je ziet
Een opgesloten hart

Droom

ik droom over lammetjes in de wei.
en vogels in mei.
ik droom over jou.
maar nooit in de kou.
ik droom over eten.
maar ik ga niet als een varken vreten.
ik droom over iets.
maar veder weet ik niets.
ik droom

Nederland

er was eens een meisje loos.
ze dacht vaak aan koos.
zo lief was koos.
ze wachte soms een hele poos.
tot hij kwam.
maar het koninkrijk lag achter een dam.
met oranje straten.
zat je vaak te praten.
over koetjes en kaas.
iemand was er de baas.
de koning.
die woonde in een prachtige woning.
met zijn vrouw.
zat hij nooit in de kou.
maar zijn broertje lag blauw.

Pijn

een blad hoe mooi kan het zijn.
met verschrikkelijk veel pijn.
een bloem zo mooi.
maar opgesloten in een kooi.
hoe boos je ook bent.
er zijn zoveel dingen die je kent.
die zo zijn.
met veel pijn.